Rita Beintema ‘Karma, beperking of uitdaging?’
Rita Beintema beschrijft in dit artikel wat karma is en veelvoorkomende misvattingen over dit begrip.
Karma beperking of uitdaging?
Vaak wordt te pas en te onpas het woord karma gebruikt om alles in het leven te verklaren. Als je ziek wordt is het je karma. Als iemand struikelt, is dat zijn karma. Word je gehandicapt geboren, is het weer je karma uit een vorig leven. Dit is misbruik maken van het woord karma wat tot veel verdriet en misverstanden kan leiden.
Karma yoga zegt: “Werk onophoudelijk, maar geef alle gehechtheid aan het werk op.” Met andere woorden, werk vanuit de heelheid van je hart en niet om je ik te vergroten.
Karma wordt in het westen gezien als handelingen en daden, die voortkomen uit het ik van de mens.
Een handeling die we voltrekken vanuit onze innerlijke verdeeldheid, vanuit conflicten wordt kryia genoemd en geen karma. Maar dit terzijde.
Het is een misverstand dat karma, dat handeling betekent, een wet zou zijn van oorzaak en gevolg, op grond waarvan wij een schuld afbetalen in dit of in een volgend leven. Deze opvatting zit verankerd in ons denken en berust ook op een wensvolle gedachte om vooral te blijven voortbestaan en omdat het ons gevoel van eerlijkheid en rechtvaardigheid bevredigt en het idee dat we door hogerhand bestraft en beloond worden. Er is echter geen karma dat ons afstraft; straffen doen wij ons zelf wel.
De gedachte dat wij een schuld afbetalen in dit of in een volgend leven berust op de aanname dat er een volgend leven komt. Wat reïncarneert, is het leven zelf en geen persoonlijkheid. Het leven zelf is onuitroeibaar; als een vorm oplost komt daar weer iets anders uit voort. En hoe kan een persoon reïncarneren als die persoon zelf een gedachte is?
Het woord karma wordt vaak figuurlijk gebruikt om je menselijke erfenis te ontkennen. Je lichamelijke erfenis, je psychisch geconditioneerd zijn. Zij zijn activiteiten uit het verleden, niet alleen van je ouders maar van alle voorouders. Het totale menselijke verleden is in ieder van ons aanwezig.
Karma is geboren worden in een geconditioneerd menselijk lichaam, met de erfenis van de cultuur waarin je geboren wordt. Met die beperkingen en conditioneringen vangt je leven aan.
In de Bhagavad Gita staat dat je fysieke structuur en je psychische structuur je karma zijn, je lot, samengevat: je erfenis waaraan je niet kunt ontsnappen. Je kunt blijven analyseren wat je meegekregen hebt van moeders kant of van vaders kant. Je hebt genen van beide zijden meegekregen. Je kunt dit blijven analyseren, maar het brengt je niet tot inzicht in en acceptatie van je leven. Door je leven te accepteren zoals het is, kun je op onderzoek uitgaan om tot inzicht te komen. Al lang voor je geboorte was je verbonden met het universum. Bij je geboorte was je nog steeds verbonden. Verbonden met ieder ander menselijk wezen, maar ook met al het bestaande dat een uitdrukking is van de suprême intelligentie, die wij samenvatten in het begrip God. Deze suprême intelligentie kan niet gevangen worden door het denken, kan niet uitgedrukt worden in termen van het gekende.
In het dagelijkse leven zijn er zonder dit te beseffen genoeg “Zijns” momenten. Het ik is dan even verdwenen en we zijn niet in staat om achteraf naar die momenten terug te kijken om op onderzoek uit te gaan, naar dat wat toen niet aanwezig was. Het is je ontgaan, niet opgevallen, of heel gewoon. Toch komen er steeds weer momenten dat wij ons, zonder het te beseffen, afscheiden van die ‘heelheid’ en de dualiteit zijn intrede doet door de identificatie met een gedachte en/of een gevoel. Maar pas als je bestormd wordt door vervelende gedachten, besef je de wurggreep van de identificatie met het denken. En die wil je maar al te graag kwijt. Zomaar oplossen zullen vervelende gedachten niet doen, maar wel door inzicht.
De heelheid is, zonder dat we dat beseffen, steeds aanwezig, maar we blijven gevangen door de ik gedachte. De gedachte: een persoon te zijn met verschillende eigenschappen. Maar zowel de persoon als de eigenschappen bestaan alleen als gedachte. Door dit te doorzien is er ‘heelheid’. Een heelheid zonder object. Alleen een innerlijk verlangen naar die heelheid zal de weg tonen die je kunt gaan. Inzien wat karma werkelijk is zal een last van je schouders halen. Het is aan de mens zelf of hij/zij zich door inzicht aan die beperkingen kan of wil onttrekken
Zie ook de andere lezingen, artikelen en boeken van Rita Beintema op deze site.